Staking op de scheepswerf en lampenfabriek.

In april 1943 brak er een massale staking uit in Nederland, die zich snel over het hele land verspreidde. Het begon op 29 april bij de machinefabriek “Gebroeders Stork en Co.” in Hengelo, waar arbeiders het werk neerlegden als protest tegen de Duitse bezetter. De aanleiding voor de staking was de aankondiging dat Nederlandse mannen, waaronder oud-militairen die in 1940 hadden gevochten, gedwongen zouden worden om naar Duitsland te gaan voor de Arbeitseinsatz.

Omdat de bezetter het nieuws over de staking verbood, verspreidde de boodschap zich voornamelijk van mond tot mond. Zo kwam het bericht ook in Millingen. De staking, die oorspronkelijk in Hengelo begon, groeide uit tot een van de grootste verzetsacties in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het was een krachtig signaal van verzet tegen de Duitse bezetting en het gedwongen arbeiderstransport naar Duitsland. Ondanks de dreiging van geweld en represailles van de bezetter, breidde de staking zich uit naar andere steden en fabrieken in het land.

Staking op de scheepswerf.

In de nacht van 30 april op 1 mei 1943 werd er één plakkaat opgehangen aan het hek van de werf met de boodschap: “Nederlanders staakt uw werk, want eendracht maakt macht”. De volgende ochtend op zaterdag 1 mei, wisten de mensen die naar hun werk gingen wat hen te doen stond: staken. De meeste mensen die op de werf werkten, gingen naar huis, behalve enkele NSB’ers en Duitsgezinden. De stakers kregen steun van de loonadministrateur van de werf, die ervoor zorgde dat alle werknemers als aanwezig werden geregistreerd, waardoor het voor de bezetter moeilijk werd om bij te houden wie wel of niet had deelgenomen aan de staking. Een lokale NSB’er zag die plakkaat en rapporteerde dit aan de Duitsers. Een overvalwagen met SS’ers arriveerde, waaronder Gerhard Wanders, een beruchte jodenjager uit Nijmegen. De Duitsers weten wie er achter de staking zat, maar onderdirecteur Nol Arntz bleef echter vastberaden en liet zich niet intimideren. Zelfs toen hij een pistool op zijn borst kreeg, bleef hij solidair met de stakers en weigerde hij te verraden wie achter de staking zaten.

Om elf uur moest het werk weer hervat worden op de werf. Arnold Hendriks schrijft in zijn oorlogsdagboek hoe het verliep: “Aangekomen op de werf stond de SS met het geweer in de aanslag. Ik hoefde niet meer te lopen, maar werd gewoon naar boven geduwd. In het kantoor van de directeur Juus Arntz groette ik deze met  “goedemiddag”, waarop ik van de Hollandse politieman een flinke klap in mijn gezicht kreeg. Ik had voor de Duitse officieren in de houding moeten gaan staan. Het kapotgescheurde plakkaat van de schutting lag op tafel en ik kreeg er de schuld van het opgepakt te hebben. Dit had ik dus niet gedaan. In ieder geval zagen ze mij voor een ophitser aan. Een officier van de SS zei dat ik mee moest naar Nijmegen. Daar zou ik worden doodgeschoten. Intussen waren nog 2 mannen opgepikt. Toon Scholten (hij lacht altijd, Toon was lachend geboren) had zogenaamd de SS uitgelachen, Piet Reijmers wilde zich op kantoor ziek komen melden. De Duitsers zeiden tegen hem: ‘Sie haben die englische Krankheit, kommen Sie mit mir nach Nijmegen.’ Zo gingen we tussen twee SS’ers naar het politiebureau Ridderstraat. Zondagmorgen kwam de politie ons weer uit de cel halen. We kregen onze spullen terug en even hadden we hoop dat we naar huis mochten. Dat was niet zo. Ze lieten ons op de binnenplaats even luchten. Daar kwam een bus met negen mensen uit Lobith en zes uit Millingen. Wij moesten instappen. De bus bracht ons naar het concentratiekamp in Vught. Toon Scholten werd het eerst verhoord. Hij kreeg een paar rake klappen en werd vastgehouden. Na drie maanden lieten ze hem weer los. Het plakkaat dat op de schutting van de werf had gehangen hadden ze aan elkaar geplakt.1 Daar kreeg ik, de schuld van. Ik hield vol dat ik het niet had gedaan. Na een paar klappen in het gezicht zag ik helemaal niets meer.”

Op 19 mei 1943 kwamen zes van de negen mannen met de schrik vrij. Het besluit om deze zes mannen vrij te laten werd op 15 mei genomen door de SS. Tegelijkertijd werd besloten dat Hent Cronenberg en Arnold Hendriks langer gestraft zouden worden. Zij keerden pas op 12 juni terug naar Millingen.

Staking op de Gloeilampenfabriek.

De Gloeilampenfabriek aan de Rijndijk 22 van de familie Van der Velden deed ook mee aan de landelijke staking. Dat was een enorm risico voor ze, omdat ze in hun woonhuis tegen de fabriek aan Joodse onderduikers hadden zitten. 

Hent van der Velden schrijft na de oorlog hoe het allemaal gegaan is: “Bij de algemene staking op 1 mei 1943 besloten ook wij mee te doen. We waren net naar de Engelse zender aan het luisteren, toen ik ineens Duitse overvalwagens aan zag komen. In een mum van tijd stond de dijk vol SS’ers. En waren er al bij onze deur. Mijn vader wilde nog gauw de radio afzetten, maar had de verkeerde knop te pakken. We rukten de snoer eruit. Gelukkig dat die soldaten door al het “gedruus” niets hadden gehoord, want het ging er hard naar toe, ronkende motoren, bevelen schreeuwende aanvoerders, laarzengekletter van de rennende soldaten. Een paar “doodkoppen” kwamen de dijk af en bonkten op de deur. Ik riep nog tegen mijn zusters dat ik achter in de zaak was en de deur al open had. In een oogwenk hadden ze me te grazen, een revolver op mijn borst met de vinger aan de trekker. Hij schreeuwde: Wo sind die Arbeiter? Ik werd zo wit als een doek. Binnen drie kwartier zijn ze hier aan het werk, anders gaat je de Rijn in. Tot overmaat van ramp kwam Tante Elly ons nog bezoeken ook.  Die had in Amsterdam twintig joden verborgen. Ze moest haar ausweis toten. Gelukkige had ze de goede te pakken. Ze mocht tien minuten naar binnen. De heer Halberstadt (een van de Joodse onderduiker bij van der Velden) zei toen ze binnen kwam: Ga gauw terug, anders gaan wij er ook aan”.2 Alles is daarna weer rustig verlopen.

Noten:

1: Stichting Margot van Boldrikfonds, Arnold Hendriks oorlogs herinneren. 

2: Stichting Margot van Boldrikfonds, Familie van der Velden.

Bron: Stichting Margot van Boldrikfonds.

Plaats een reactie

Plaats een reactie